• Contact gegevens

Home Nieuwsberichten "Caminho (wandeling) op de Estrade Real" door Frei Feliciano van Sambeek (juli 2003)

Informatie

  • Home
  • Contact gegevens
  • Journaals / Jornals
  • Nieuwsberichten

Broeder Zon

  • Oprichting Stichting
  • Doelstelling BroederZon
  • Schenkings gegevens

IRMÃO SOL

  • Waar werkt IRMÃO SOL
  • Huizen van IRMÃO SOL
  • Het doel van IRMÃO SOL
  • Histories overzicht
  • ASSOCIAÇÃO IRMÃO SOL

"Caminho (wandeling) op de Estrade Real" door Frei Feliciano van Sambeek (juli 2003)
"Estrada Real, Koninklijke Weg,
een tocht van vele wegen,
dagboek van een wandelaarster",
door Diva Dorothy Safe de Andrade Carneiro.

Dit is de volledige titel van een boek, dat Jeanne de Hoog van Steen mij leende.
Het boek is prachtig uitgegeven met veel foto's. Daarop zie je goed het ruige landschap van centraal Minas. Ik besloot een resumee te maken.

Estrada Real betekent Koninklijke Weg. Een groep dames uit Belo Horizonte liep in acht dagen een stuk van 125 km van deze historische route van 1.400 km.
Langs deze route gingen het goud van Ouro Preto en de edelstenen van Diamantina op de rug van muildieren en slaven naar de kust. De portugese koloniale regering vorderde één vijfde van alles wat gedolven werd.

De regeringen van de staat Minas en van de staat Rio de Janeiro willen van deze route een toeristische attractie maken, in navolging van de route van Santiago de Compostela.

Vrijdag 4 Juli 2003: van Belo Horizonte per bus naar Bom Jesus do Amparo

Het gezelschap bestaat uit 21 dames, van tussen de veertig en de zestig. Allemaal van standing, alta sociedade. Practisch allen met universitaire opleiding of onderneemsters. Enkelen van hen zijn afkomstig uit de streek die ze gaan bezoeken. Zie lijst achterin het boek. Ze vertrekken op 4 Juli 2003 vanaf de Praça da Liberdade, Plein van de Vrijheid, in Belo Horizonte. Dat is het mooie plein waar de regeringsgebouwen omheen staan.
Er zijn om ons uit te zwaaien: het koor Ars Cantorum, kinderen, familie, pers, Eberhard Hans Aichinger, directeur van het instituut Estrada Real, en Roberto Fagundes, subsecretaris van toerisme. Blz. 17
Na de nodige toespraken, raadgevingen en omhelzingen, vertrekken we om een uur of vier per bus naar Bom Jesus do Amparo. Dit is een nogal armoedig stadje, 55 km ten oosten van Belo Horizonte. Daar gaanwe overnachten in een pousada..

Een keukenmeid kreeg de schrik van haar leven toen ze de bende vrouwen zag uitstappen met stokken in de hand: zeker van de MST, de linkse beweging van landlozen die boerderijen bezetten.
´s Avonds waren er toespraken in de kerk, en het koor van Santa Barbara bracht een muzikale hulde. Oudleerlingen van het internaat van de kweekschool in Conceição do Mato Dentro ontmoetten elkaar en haalden herinneringen op. Na een lunch in de pousada was er bal in de veetentoonstellingshal. Het was koud. en de bergen waren verborgen in de mist.

5 Juli 2003 - Eerste traject: van Bom Jesus do Amparo naar Ipoema - 18 km

Koffie om 05.30 uur. Gymnastiek. Op weg met 21 dames, vier ruiters, twee gidsen, drie journalisten en een chauffeur. Bij een kapel wordt een Onze Vader gebeden. Er worden weddenschappen afgesloten wie het al dan niet zal volhouden. In Bom Jesus begint de onverharde stofweg.
Diva Dorothy heeft al gauw haar astmapompje nodig, Olguinha wordt weggeroepen vanwege problemen op haar landerijen, Maria Elvira gaat terug naar de pousada. Uitvallers: 20 De enige die het volbrengt is Beth Pimenta, maar die heeft dan ook de weg van Santiago da Compostela gelopen. Daar vertelt ze hele verhalen over.
Mijn kinderen hadden mij op het hart gedrukt om niets te forceren, veel water te drinken, goed te eten etc. Dat heb ik ook gedaan. Gevolg: ik verloor nog niet één kilo. Overal werden we overdadig onthaald.
Verder weidt de schrijfster uit in poetische ontboezemingen, beshrijvingen van het lanfschap, de betekenis van de naam Ipoema, recepten, historie, de uitleg van de geoloog Marcelo Pimenta, fotos, etc. Maria Rita leert aan alle vrouwen die ze tegenkomt hoe je de borst moet onderzoeken op kanker.

De schrijfster Diva Dorothy is een gepensioneerde rechter, professor in de rechten, pedagoge, hereboer (dameboerin??), doctor in bedrijfskunde etc. Zij is afkomstig van de Serra do Cipó, het berggebied waar de tocht door ging. Haar vader Jorge Miguel Safe was medicus in Dom Joaquim.

Dicht bij Ipoema komen drie ruiters met vlaggen ons tegemoet. En een tankwagen sproeit het stof van de weg. Zó gastvrij is het volk van de streek Itabira. De ontvangst is bij het "Museu do tropeiro", het cowboymuseum. Vuurwerk, omhelzingen en speeches van de autoriteiten. De fanfare speelt "Friends for ever". Het parochiekoor zingt "Ipoema, in je blauwe lucht schittert je ziel vol vertrouwen..."
Het cowboymuseum herinnert aan de ezelkaravanen die de 177 gemeenten doorkruisten van Diamantina tot aan de kust. In de bladzijden 26 tot 29 worden de vroegere tijden van de karavanen beschreven.

Daarna restaurant en pousada. Diverse deelneemsters ontdekken kennissen van kenissen en familie van familie. Het hotel heet Hotel da Quadrada (vierkant). Een vroegere eigenaressse had nogal markante heupen en kreeg de bijnaam Dona Quadrada. Haar nakomelingen hebben nu de achternaam Quadrado. Weer muziek, bal en snoeperijen. Bladzijden vol recepten. Nu zijn we op blz. 35

Zondag 6 Juli 2003: van Ipoema naar Senhora do Carmo - 22 km

We kunnen ons moeilijk losrukken van Ipoema en vertrekken vier uur later dan gepland. We komen nog familie tegen van de ambassadeur José Aparecido. Hij is de trots van Ipoema. Onze gastheer en gastvrouw van Ipoema komen ons met een vrachtwagentje achterna: koffie, broodjes, vruchten, servetten, een complete picknick.

Acht uur in de brandende zon. Huidcremes, verband, onze voeten vol blaren. Blaren = bolhas, spreek uit, booljas. Voor de dorst kijgen we kokoswater gebracht door de onvolprezen Reinaldo. We lopen niet meer in peloton. Sommigen gaan alleen, anderen kletsen maar door over huwelijk, kinderen, kleinkinderen, vrijers, mode, reizen, recepten, erfenissen, politiek etc. etc.

Om de haverklap komt de cameraman Carlinhos in actie. Dan gauw rechtop, hoofd omhoog, de hoed op zijn mooist. Maar soms neemt hij je zonder dat je het merkt.
Blz. 39. We komen uitgeput aan in Senhora do Carmo. Weer feest. De vrouwen van de plaats zijn blij dat ze weer eens andere mensen zien. We bezichtigen de sociale werkplaats. Sociaal werkster Luciana bespreekt zware problemen: endogamie, zelfmoorden e.d. We bezoeken de plaatselijke toeirstische punten. Sommigen gaan nog naar een kampvuur, de meesten gaan slapen

Maandag 7 Juli 2003: van Senhora do Carmo naar Itambé do Mato dentro - 25 km

Blz. 45. Ik ben mijn stok kwijt geraakt, gekregen in Bom Jesus. Maar ik kan weer een nieuwe uitkiezen. De dichter Carlos Drummond had het over een steen op de weg. Hier ligt het er vol van. Overpeinzingen en familieverhalen. Kinderen liepen hard weg toen ze ons zagen. Dachten dat we zigeuners waren (blz. 51). Een wasvrouw had geroepen: "Daar komen de zigeunerinnen aan, gauw de deuren sluiten."

Om 15 uur komen we Itambé binnen. Geen vuurwerk en geen fanfare deze keer. Maar degenen die vroeg vertrokken waren ontvangen ons op het bordes van het hotel met handgeklap. Weer histories van vroeger tijden. Rond Itambé zijn 89 watervallen, allemaal dichtbij. De locoburgemeester brengt ons naar de waterval van de Funil (trechter). Wij in het frisse water. Maria Rita glijdt uit en slaat met het hoofd op de rots. Gelukkig niets ernstigs. Verhalen van dwergen en vliegende schotels. Ik neem mij voor om hier terug te komen met mijn dochter. Restaurant, Hotel.

Dinsdag 8 Juli 2003: van Itambé naar Fazenda do Sobrado - 35 km

Om 05.00 uur koffie. Blz. 57. Claudio Leão vertelt dat hij de hele Estrada Real heeft gelopen samen met Claudio Gil. Ze begonnen in Diamantina en namen de oude weg naar Parati. Dat waren 1.410 km en 36 dagen lopen. Ze hadden hulp van Eberhard Aichinger en ze baseerden zich op het verslag van twee Engelsen die de route liepen in 1817. Dat waren Jhon Spike en Carl von Martius.

Om 05.30 uur op weg, samen met Olímpia! Al gauw laten we Itambé en de rivier beneden in het dal. Wat een stijging. We zien de zon opkomen. We praten met D. Alice (65) en D. Honória (76) die te voet inkopen gaan doen in Itambé, eens in de maand.

We zien misterieuze sporen in het zand. Niet van koe, niet van geit, niet van een hond . . .. . O wee, zou het een onça zijn, de braziliaanse tijger? Gauw een gebedje uit onze kindertijd: Sint Benedictus, wijwater, Jesus Christus op het altaar, stekend beestje ga weg, want de Zoon van God komt er aan. Dorothy, je moet beter bidden: een tijger is geen stekend beestje. Een eindje verder komt kristalhelder water uit een bamboegootje. Olímpia, wegwezen! Hier komt de tijger drinken.
Het was wel een tijger. We hebben de sporen op een foto staan.

Een motorrijder stopt in een stofwolk. Waarom gaan jullie te voet? Kijk eens aan. Jullie hebben zeker niks beters te doen! - Verderop komt een bos van kokospalmen, prachtig.

Het hele lichaam doet pijn, maar we bereiken de Fazenda Sobrado: bedden en sinaasappelen bij de vleet. Zana en Maria Rita maken eten klaar, kip en groenten zoveel je wilt. Ana Amélia die van Rio is neemt een bad in de Rivier van de Vis. De eigenaars van de boerderij zijn naar een cursus in Itambé, maar de bedienden nemen de honneurs waar. Ze zeggen dat hier patroons en werknemers leven als één familie.

Naderhand doen we spelletjes. Je buurman knijpen, maar je mag niet lachen. Het gerucht gaat dat er een striptease gepland is. Cowboy Paulinho verkneukelt zich al. Bij het licht van de houtkachel en gezang van Pantera-cor-de-rosa doen enkele dames hun poncho af, hun hoed, en heffen de wandelstok. Dat is alles.
De locoburgemeester zegt dat er inderdaad tijgers zijn in deze streek.
Nog een Lang zal ie leven voor de verjaardag van Reinaldo, champagne en we vallen op onze slaapzakken.

Woensdag 9 Juli: van Fazenda do Sobrado naar Morro do Pilar.

Hanen kraaien, ganzen en kalveren doen hun best. Vijf uur op mijn horloge. Binnen de enige badkamer zit geen grendel en dat levert nogal wat hilariteit. Fátima, journaliste van de "Diário da Tarde" krijgt het vuur niet aan. Die heeft natuurlijk alleen verstand van nieuwsberichten.

Vijf km stijgen om op de bergkam te komen. Het lijkt wel een muur. Bovenaan in het wijde landschap treffen we Beth Martins, Rosália en Beth Rajão. Ze kijken verrukt naar de zonsopgang. Wij doen mee, de armen uitgestrekt in gebed om God te danken voor de weldaden van deze tocht. Allerlei kleuren versieren de bergen, de rotsen en de bomen.

We bezoeken de kluizenaar Dominguinhos in zijn grot. Hij gelooft niet in God, want hij heeft hem nog nooit gezien. Hij wil wel zingen en foto's maken.

We praten ook over de andere kluizenaar, Juquinha van het Cipó-gebegte. Hij leefde hier van kruiden en insecten. Van automobilisten kreeg hij wat eten in ruil voor een tuiltje wilde bloenen. Hij heeft nu een standbeeld tussen zijn geliefde bergen.

Pastoor Tarcísio vroeg eens aan Juquinha: is het waar gebeurd dat jouw vader Vitalino zijn gasten op kip onthaalde, maar het was een arend? Nou ja, zegt Juquinha, er zat ook wat aasgier tussen.

Wie ons dat nu vertelt is tochtgenote Virgínia, de kunstenares die het standbeeld van Juquinha heeft gemaakt. Dat was in 1986, twee jaar na de dood van Juquinha. Virginia goot beton in 26 vormen van hout, klei en stro. Acht maanden werkte ze in een hok bij de boerderij Palácio. Het was haar eerste werk nadat ze dipomeerde op de Kunstschool. De burgemeesters van de streek sponsorden het beeldhouwwerk en veel vrijwilligers hielpen haar. Het radiotje gaf alleen maar buitenlandse stations. De 26 stukken beton werden gemonteerd in zon, wind en nevel. Er rust Gods zegen op. Van het Juquinhabeeld bestaan nu ansichtkaarten en miniaturen, versrpeid over de hele wereld.

Twaalf uur. We hebben zeven uur aan een stuk gelopen. Rechts verschijnt een cafeetje. Maar de eigenaars waren ons tevoren met hun wagen voorbijgekomen en ze verontschuldigden zich dat de uitspanning gesloten was. Maar we mochten er toch in. We vonden er schaduw, een kabbelende beek, een eeuwenoude mangaboom, en, o wonder, een schone w.c. met papier en al. Picknick van chocola en bananen.

Weer verder. Claudio komt langs met de auto: Vooruit, nog maar vijf km stijgen naar Pilaarberg. Groot bamboebos, een riviertje dat over een serie watervalletjes naar beneden klatert. Een Mariakapel. We hebben honger en dorst. Gelukkig, een boerderij. Maar de poort is gesloten, ondanks het bord "Welkom".

Om twee uur komen we het stadje binnen, dat lijkt op een kribbetje tussen de bergen. Blz. 77. In Morro do Pilar liggen veel oude herinneringen: collegas van de school in Conceição, Piet Peixoto, oude vriend van mijn vader. Na veertig jaar zie ik Célia Passos terug, nu metallurgisch ingenieur. Bad nemen en voeten masseren Die hebben nu 100 km gelopen. We voelen ons onwel, hoofdpijn, op de rand van een zonnesteek, gauw medicijnen pakken uit de voorraad.

In de bar van gemeenteraadslid Manoel biedt Fabiana Maciel, gemeenteambtenaar van toerisme, ons een uitgebreid middageten aan, opgevrolijkt door een show van marujada. In een mum van tijd dansen we op straat marujada en catopê, ritmes van de afrikaanse folklore. En we maken foto's met zwarte Jopie, nakomeling van slaven. Hij woont op de boerderij Dood Paard,. Op terugweg naar de Pousada van Didica stop ik bij de kerk van O.L.Vrouw ter Pilaar, vraag drie genaden en fotografeer het mooie beeld van de patrones van de plaats.

In 1701 ontdekte de bandeirante (pionier) Gaspar Soares goud op deze plek. Rond 1800 werd de eerste hoogoven hier gebouwd: de Koninklijke Fabriek van Gietijzer. In 1817 en 1823 passeerden Jhon Spix en Karl von Martius en schreven: het ijzererts hier is zo hoogwaardig en zo overvloedig dat heel Brasil er eeuwenlang mee voorzien kan worden. Als het regende kwamen de goudstaafjes zó naar beneden rollen.

's Avonds feest bij Mané met huldes, bier, muziek, eterijen. Dan pousada en naar bed.

Donderdag 10 Juli 2003 - Van Morro do Pilar naar Conceição do Mato Dentro
30 km

Ik sta op de varande. Voorbijgangers vragen: wat moet die troep vrouwen die hier gisteren aankwam als een bende bedelaars? Ze zeggen dat het allemaal geleerde madames zijn. Een man zegt tegen zijn vrouw: Dat lopen heeft niks te betekenen. Dat doen wij iedere dag.

We gaan op weg. Met de straathond Bonifácio die ons volgt sinds Itambé. Hij is smoor op ons. Hij likt onze voeten. Bij een kruising zien we een spandoek, nou ja, van wc-papier. Daarmee wijst Beth Pimenta ons de weg.
Een automobilist maakt een praatje. Na veel over en weer schieten de tranen in mijn ogen. Hij is de zoon van Jorge Jorgino, een hele oude huisvriend van ons in Conceição do Mato Dentro. Deze tocht over de Estrada Real is een tocht door mijn jeugd. Blz. 85. Gisteren een onbarmhartige zon. Vandaag wouden, bloemen, beekjes.

9 uur. Weer een auto. De burgemeester van Serra Azul. Hij praat over toekomstig toerisme langs de Estrada Real.
Dayse Thomas gaat voorop. Ze is slanker en knapper geworden. Trots op haar kinderen. Die vormen een succesvolle country-zanggroep.

We kruisen met drie studenten van de toerisme-school. Zij liepen vanaf Diamantina en gaan naar Morro do Pilar. Anna Mota, gediplomeerd in toerisme wordt enthousiast en weidt uit over wat er allemaal moet komen voor de toeristen.

Picknick met chocola, koekjes en lauw water. Gelukkig komt Cláudio met fris cocoswater. Beth Pimenta vertelt weer van Compostela. Het lijkt onderhand op een congres van toerisme: diamantencircuit, historische steden, de goudciclus, barokkerken, profeten van zeepsteen, weidse landschappen. . . . . .

Een auto bedekt Olímpia met stof. Ze ziet er uit als een toeareg. We komen langs de boerderij van Tão Piteira, die mij als kind een paard gaf, waarmee ik over de weg galoppeerde.
Een oude man vraagt waar we vandaan komen en waar we naar toe gaan: "Ocharm, zucht hij, en helemaal geen lift gekregen!"
We zijn nu zeven uur aan het lopen, onder een zon van dertig graden, en alsmaar stijgen. Dit is geen voettocht. Dit is alpinisme. Auto's toeteren als huldeblijk. Een sproeiwagen maakt de weg nat. Te nat, want een Sprinter loopt vast in de modder.

Nog twaalf kilometer. We kunnen niet meer van de vermoeidheid en de honger. Gelukkig komen we aan de vrolijke ranch van Maria Lucia Lazzarini: water van de bron, schaduw, toilet, ik hoor een leeuwerik. Maria Lucia en Fatima zingen een duet. Bonifácio wordt steeds magerder en wij worden dikker van alle eterijen. Blz 96.

Ons hart klopt sneller. Een spandoek boven de weg: "Boerderij Braúnas groet de wandelaarsters". En nog een spandoek bij de veemarkt. Vrienden en bekenden omhelzen ons. Er staat weer een rijke lunch klaar. Todinho van Radio Conceição interviewt ons. Carlinhos en Miranda filmen alles voor hun documentaire. Fatima verzamelt reportages met haar bandrecorder.

Beth Santana slaapt voorover op tafel. Dayse deelt souvenirs uit. Simone Ferreira huilt van emotie. Bijna had ze afgehaakt vanwege heimwee naar haar 7-jarig dochtertje. Dalva geeft aan ieder een boodschap uit Ipoema. Beth Pimenta doet aankondiging over de komende evenementen in Conceição. Oef . . . .

16 uur. Het laatste stukje naar Conceição. Vuurwerk. De fanfare "Lier van de vrede" speelt de hymne van Conceição. Vanuit de hoogte zien we Conceição uitgespreid tussen de bergen. "Het Collegelied!" roept Dalva. En wij, oudleerlingen van het St. Jochemscollege, zingen met veel emotie het lied dat we op het internaat van de zusters geleerd hadden: "Conceição tussen de groene bergen, waar wij rustig en vredig leven . . ." Het kruis verschijnt op de toren van het heiligdom van de Goede Jesus. En ik maak het kruisteken, geleerd van mijn moeder en op de catechismus van Balbina Portilho.

Drie ruiters komen ons tegemoet, met de vlaggen van Conceição, Minas en Brasil. Het plein staat vol mensen: politici, bewoners, mensen uit omliggende steden, vertegenwoordigers van scholen en colleges, oudleraaressen, schoolkinderen in uniform, een grandioos feest van vriendschap en erkenning vanwege de herontdekking van de Estrada Real. Zingen, huilen, lachen, zoenen, muziek, het kan niet op. Nog meer spandoeken: "Te voet terug in de bakermat", "Lieve wandelaarsters, dank voor jullie bezoek en voor het bekend maken van onze streek".

We defileren door de straten en herdenken de historie van de goudzoekers, de immigranten, de italiaanse zusters, de paters Franciscanen (Capucijnen) die twee scholen stichtten en het hospitaal. We denken aan de dichters, de cowboys, de muzikanten, de rivieren en watervallen, de pelgrims die vol geloof in het heiligdom van de Goede Jesus kwamen bidden.

En Bonifácio kreeg ook zijn hulde. Het was me nooit opgevallen, maar Zelitinha wees me erop. Op het plafond van de parochiekerk van Conceição, staat Maria geschilderd met een hond aan haar voeten. De hond is simbool van de trouw en hij staat dicht bij St. Dominicus. Tenslotte, het latijnse "dominicani" kun je ook lezen als "domini cani", de honden van de Heer.

Feestzaal Eden Club. Drie bladzijden jeugdherinnenringen aan dansavonden en vrijpartijtjes. Inclusief aan Juscelino Kubitschek, ex-president van de Republiek, onze streekgenoot. Hij kwam op de diploma-uitreiking van de kweekschool in 1968. Als paranimf onthaalde hij de nieuwe onderwijzeresjes op een mooie redevoering en ook op de nodige kusjes. Enkele tochtgenoten hebben daar toen van geprofiteerd. Blz 106 Herinnering aan de footing = pantoffelparade op de avenu Bias Fortes..

En dan de parochiekerk van O.L.Vrouw Onbevlekt Ontvangen, gebouwd door de stichter van de stad, Gabriel Ponce de Lion, in 1701. De stad bestaat al 300 jaar en de Parochie 250 jaar.

Nog meer spandoeken en redevoeringen ter onzer eer. Beth Pimenta bedankt. Arriveert een gesloten vrachtwagen met 1000 dekens, cadeautje van ons aan de bevolking. Komt nog een grotere vrachtwagen: een rijdende medische post die 3000 medische behandelingen gaat doen. Die wordt gesponsord door een hele serie instellingen.

Ik zie veel familie en bekenden. En dan het College São Joaquim! Gesticht in 1900. Soms 300 internen. Weer een spandoek: "De franciscaanse Clarissen begroeten de oudleerlingen van St. Joaquim". Volgen tien bladzijden verhalen over het College en de Franciscanessen van St. Clara. Van blz. 109 tot 119!!

17.30 uur. Er komt geen eind aan deze dag. Bezoek aan de nieuwe raadzaal. Bezoek aan het heiligdom van Bom Jesus. Pater Marcelo Romano spreekt ons toe over onze pelgrimstocht en zegent ons met wijwater.
Pousada van Mirtila. We kunnen amper een bad nemen. Weer muzikanten en dansers van de marujada, geleid door Josef van Anna van de Zonde.
Elvira en Rosália brengen Bonifácio naar de dierenarts. Daar wordt onze metgezel helemaal opgeknapt. Anna Motta heeft een bicho de pé = zandvlo in haar teen.

Naar het Marktplein. Weerzien met onze oudleerares Maria Guerra van 86 jaar. Ze zegt dat de hele stad blij is om onze komst. We bezoeken de kraampjes van handwerk. Wagner Safe, welbespraakt, doet een bloemenhulde aan Beth Pimenta, Maria Elvira en aan mij, zijn zus.
We denken aan de Zaterdagse markten, als de mensen van de boerderijen hun waren brengen, en inkopen doen.

11 Juli 2003 - Van Conceição naar Fazenda Bom Jesus - km

Een koffietafel gedekt met de allerfijnste spulen van vroeger tijden. Mirtila van 85 jaar heeft tien kinderen, twee en veertig kleinkinderen en 27 achterkleinkinderen. Foute boel: we vertrekken pas om negen uur als de zon al begint te branden.

Herinneringen aan de portugees Carlos Rajão, de apotheker Silvério Guerra, de schermutselingen tussen UDN en PSD, de kaartmiddagen, de medisch student Sylvio Carneiro die mijn man werd, het grote huis van mijn grootvader Miguelinho Safe, die 16 jaar oud van Libanon kwam zonder één woord portugees te kennen.

Herinnering aan de Openbare Lagere School Daniel de Carvalho, blz. 137, de onderwijzeressen, de directeur Aniceto, de picknicks, toneel en dans, kroning van Maria. Mijn vader was Jorge Miguel Safe, dokter, burgemeester en tweedekamerlid. Herinneringen en verhalen zonder end, tot pág. 154.

Een rustpunt : een kiosk langs de weg geimproviseerd met palmbladeren. Hapjes staan klaar, koekjes, vruchtensap, spandoek (onze gemeenschap huldigt de eerste vrouwelijke voettocht over de Estrada Real, en Tweedekamerlid Maria Elvira) , foto's, een duik in de rivier van S. Antonio.

We komen tenslotte aan de "Fazenda Bom Jesus" van Dona Socorro Utsch van Darlan, waar we zullen slapen. Wat een onzin om altijd een vrouw aan een man te verbinden. Als kind was ik Dorothy van dokter Jorge, en nu ben ik Dorothy van dokter Sylvio.
Op deze boerderij is alles is handwerk. Grote pannen op het vuur, diverse soorten cachaça = suikerrietjenever, kampvuren. Teiado van 80 jaar vereert ons met zijn piston en serenadezingers. Maar er was geen plaats voor de hele groep. Ik ga per auto slapen in mijn eigen boerderij verderop

Zaterdag 12 Juli 2003 - Fazenda Bom Jesus via Melo tot Córregos - km

Mijn man maakt de koffie klaar. Eerbetoon aan de Prinses van de Estrada Real. Blz. 159. Knecht Eduardo zegt: Wat U gedaan hebt, zou ik toch niet klaarspelen. Toen hij met dorpsgenoot Mgr. José Maria Pires (de enige zwarte bisschop van Brasil) de 23 km van Corregos naar Conceição liep, was hij op van de kou en de kapotte voeten. Toen de koster om 5 uur de deur van het heiligdom opende, viel hij naar binnen stijf van de kou en de vermoeidheid.

Om 7.30 uur brengt Sylvio mij naar het eindpunt van gisteren. Hij probeert me te verleiden: "Laat je toch een eind rijden, ben je gek; spaar je voeten; als echtgenoot zal ik je niet verraden". Maar ik laat me niet verleiden. Naar Melo zijn het 6 km, en daar wacht mij heerlijke koffie. Daarna de eindspurt naar Córregos.

Vrienden bieden een lift aan. Niks daarvan. Pag. 160 tot pag. 169 poetische beschrijving van de laatste loodjes. Vóor en achter de wandelaarsters autos en bussen, zoals ze nooit in deze streek gezien hebben.

Blz. 171 Eindelijk in Corregos. Fanfare, vuurwerk. Maria Elvira geeft een show met haar stok, alsof ze een balisa was van College Ancheta of Isabela Hendrickx. Alsmaar spandoeken. We hebben het gemaakt. Koffie en hapjes in het huis van Idelma do Pueira. We gaan de eeuwenoude kerk binnen en begrijpen niet waarom hier de Nossa Senhora Aparecida blank is in plaats van zwart. De kerk is van 1722 en heeft een orgel met blaasbalg, de oudste van het land.

De burgemeester van Conceição is er. Corregos is kerkdorp van de gemeente Conceição. Tweedekamerlid Maria Elvira wordt uitgeroepen tot ereburgeres van Conceição. Krijgt bloemen en zoetigheden die ze uitdeelt aan de tochtgenoten. Het koor Ars Cantorum is er weer, en maestrina Ângela Pinto Coelho ontroert ons met: Amo-te muito . . . .Nesta rua mora um anjo . . . A ti, flor do céu . . . Elvira escuta . . . . Tranen rollen vrijuit. Redevoeringen, omhelzingen, dankbetuigingen, opening van diverse publieke werken, onthulling van een monument, wij luisteren alles op ondanks de vermoeidheid.

Tegen vier uur gaan we middageten in de residentie van emeritus-bisschop Mgr. José Maria Pires, beter bekend als Dom Pelé omdat hij zwart is. Hij is de trots van Corregos, want hier is zijn geboorteplaats. Ik praat met hem over zijn project Vinocor = vida nova para Corregos (nieuw leven coor Corregos). Dat is een project van fruitcultuur met financiele steun van Bilance, een Nederlandse NGO. Dom Pelé werd in 1957 bisschop gewijd en ik moest toen als jong meisje mijn vader vertegenwoordigen. Ik trilde als een riet tussen al die heren in zwarte pakken.
In 1925 was "José de Lotério (Eleutério)" een jochie van zes jaar en verklaarde plechtig: ik wil priester worden. Iedereen lachte hem uit. Maar in 1931 ging hij naar het seminarie in Diamantina. Hij werd een dinamische, progressieve bisschop in Noord Brazilie. Sinds 1995 is hij rustend, maar toch steeds actief. Al sinds vele jaren leidt hij de voettocht van 23 km van Corregos naar het pelgrimsoord Bom Jesus in Conceição.

Van lieverlee vertrekken de auto's. Het waren vele wegen - 147 km - door het rode stof, zand en stenen, zon en hitte, koude en mist, schaduw en bloemen, vogels en watervallen. Ik ben moe, maar in mijn hart voel ik een nieuw geluk.

Einde

 

Attachments:

Alfabetische lijst van de 21 deelneemsters.
Ondersteuningsteam en pers: 9 personen.
Wat mee te nemen.
Lijst van toiletspullen en medicijnen
Lijst van sponsors en weldoeners
Dankbetuigingen
Speciale dankbetuigingen.
Certificaat van de tocht
Gedicht "Estrada Real" door Dorothy, Miguel Francisco en Wander Safe.
Uitgeverij Gutenberg/ Autêntica Editoras (Blz. 192)
www.gutenbergeditora.com.br
www.autenticaeditora.com.br

 

Opmerkingen.

1. Diva Dorothy is natuurlijk de dame die op de kaft staat. Ze staat ook op página 15 en pag. 177. De deputada Maria Elvira staat op página 171. Op pág. 180 staat Dom pelé in zijn afrikaans kazuifel. De oude man op p. 96 moet de kluizenaar Dominguinhos zijn.

2. Het relaas eindigt nogal confuus en abrupt. De brazilianen kennende maak ik me sterk dat het hele gezelschap naar de fazenda van Sylvio en Dorothy is gegaan en daar nog een denderende churrasco heeft gehouden. Tenslotte, de volgende dag was Zondag 13 Juli. Ze bleven natuurlijk uitslapen en reden rustig de 200 km van Córregos naar Belo Horizonte. Als ik ooit Dorothy tegenkom, zal ik het navragen.

3. Dorothy heeft een tweede tocht gemaakt over de Estrada Real, te weten, van Corregos naar Diamantina, in de periode van 24 Juli tot 1 Augustus 2004. De route was: Corregos - Tapera - Itapanhoacanga - Serro - Três Barras - Milho Verde - S. Gonçalo - Vau - Diamantina. Daar heeft ze ook een boek over geschreven. Dat heet "Estrada Real - Caminhos do Espinhaço"

4. Ik hoop dat jullie net zo genoten hebben van dir relaas als ik. Frei Feliciano.

 

Alle kleine beetjes helpen!

Broeder Zon is een Nederlandse stichting die gelden inzameld voor de foundation Irmão Sol in Brazilie.

* ING nr. 46.86.948 t.n.v. Penningmeester Broeder Zon Wateringen.

* ABN-AMRO nr. 4975.55.743 t.n.v. Penningmeester Broeder Zon Wateringen.

Het fotoalbum

Irmaosol - Broeder Zon, Powered by MchL Internet!